Vakantie (1)
Eef Heijnstra

Met mijn blote voeten op het dashboard zak ik langzaam weg in een knikkenbollende slaap. De beenruimte bij mijn zitplaats is volgestouwd met tassen met speelgoed, proviand en andere troeven om de reis vlotjes door te komen. Mijn lief, onze kroost en ik zijn onderweg naar huis. Na twee weken kamperen in een tent zijn we volledig tot onszelf gekomen. Tenminste, dat was de bedoeling. Twee maanden eerder kochten we vol optimisme een bungalowtent bij een groot kampeerwarenhuis. Vol verbazing struinden we door de winkel met allerlei handige kampeergadgets. Onvoorstelbaar hoe zoiets primitiefs als kamperen aantrekkelijk wordt gemaakt.

Via internet reserveerden we een camping in Zuid-Frankrijk. Op de bonnefooi naar het zuiden met drie kinderen, vonden we toch net iets té avontuurlijk. We maakten een nachtjesteller met de kinderen; het was overigens nog maar de vraag wie van ons het meeste baat had bij dat overzicht in de tijd. Ik zag mezelf al helemaal zitten: ’s avonds voor de tent met een rosé van de plaatselijke wijnboer. Heel idyllisch. Mijn lief en ik kampeerden altijd samen toen we nog geen kinderen hadden. We lazen een krat boeken leeg en slenterden door oude stadjes. Heerlijk wat een ontspanning…

Eindelijk was het zover. De familie Heijboer zakte af naar Zuid-Frankrijk. Tien dvd’s en een huilbui van drie keer een uur verder, stonden we in de brandende zon op de geboekte camping. Op de foto’s op internet was niet zo duidelijk te zien dat de kampeerplek niet echt schaduwrijk was. Niet erg; ergens onderin ons dakkoffer zat een superhippe tarp. Nadat lief een gevecht met tent en tarp leverde, met dank aan een aantal hulpvaardige campinggasten, zaten we dan eindelijk met een lauwe Orangina bij te komen. Dit was nog maar het begin...

De eerste twee dagen had ik vooral nodig om weer te wennen aan de bekende wc-rol onder de arm. Ook douchen met het achtergrondgeluid van andere campinggasten had niet echt een ontspannende werking. Bovendien bleek kamperen met een kruipende, nogal ondernemende, dreumes van anderhalf enigszins bewerkelijk. De enige plek waar hij zich zonder ons kon bewegen was de voortent. Maar daar was het om negen uur ’s morgens al 35 graden plus. Zo werd al gauw zijn siësta, onze siësta. De rest van de 24 uur in een dag was het hard werken... Onze oudste twee kinderen ontpopte zich binnen een half uur na aankomst tot volleerde campinggasten. Ze maakten praatjes bij de tenten van de buren en wilden niet meer naar bed of in bad.

Na twee dagen bikkelen zaten we, op een rij, achter de tent in het laatste beetje schaduw. In de kampeermarkt waren we niet op het idee gekomen om een tafel aan te schaffen. Stom. Lief had zijn best gedaan op een ‘eenpitspasta’. Dan maar het bord op schoot. Niet handig, maar bij kamperen hoort geen luxe, hielden we onszelf voor. Nadat hij vrouw en kinderen had voorzien van een bord eten, zakte hij in een stoel. De stoel kantelde, het bord overheerlijke pasta belandde omgekeerd in het gras. Met een verwilderde blik in zijn ogen keek hij me aan. “Ik wil nu naar huis”. En ik? Ik kreeg de slappe lach.

Eef

 

Wie zijn wij?

Eef Heijnstra (34) en Lisa van Steen (54) zijn de vaste columnisten van Uwhulpinhuis. Iedere twee weken is er een nieuwe column.

Eef is moeder van drie kinderen (zeven, vijf en anderhalf) en werkt in het bijzonder onderwijs. Ze is getrouwd met Hans, die parttime werkt en die mede verantwoordelijk is gemaakt voor het huishouden.
Stuur Eef een e-mail

Lisa is getrouwd met Bram, heeft twee volwassen zonen en vijf kleinkinderen. Lisa, voorheen journaliste en verhalenschrijfster, heeft zich nu gestort op beeldhouwen, het liefst in haar droomland Italië.
Stuur Lisa een e-mail